Een van de onderwerpen tijdens het aanstaande Schadeseminar 2016 is het bepalen van de strategie in de toekomst en of je je moet richten op cosmetisch, complex, merk-erkend of universeel. Ik zie dat de mensen aan de zijlijn blijven doordrukken op dit thema en dat er kennelijk een blijvend gebrek is aan realiteitszin, en dat ze tevens niet inzien dat het regelrechte onzin is wat ze uitkramen. Daarom zal ik proberen in “Jip en Janneke” taal uit te leggen hoe ik denk dat het werkt:

Stel u voor: Brugman Schadeherstel, bestaat 20 jaar, werkt voor een aantal verzekeraars en dealers, repareert wat voor de handel en heeft een vaste kring particuliere klanten. Waarvoor moet hij kiezen? Je kunt in zijn geval maar 1 legitieme keuze maken en dat is universeel blijven en alles repareren.

Waarom? Omdat alle schades van klein tot groot en aan alle merken bij je portfolio horen. Schadeherstel aan personenauto’s is een specialisme op zich en het door specialiseren in een bepaald gebied of segment heeft als consequentie dat je op een bepaald moment niet meer interessant bent voor klanten.
Ik zal dat nader proberen te duiden:
Wat zegt u van een slager die besloten heeft om alleen nog maar rundvlees te gaan verkopen, of een groenteboer die alleen nog maar zuidvruchten verkoopt? Zo werkt het in schadeherstel ook.
Schadeherstellers zijn loyaal en zijn bereid om erkenningen en certificeringen te behalen. Zo ook voor bepaalde merken, maar dat is een lokale aangelegenheid en zal voorlopig niet tot extra of minder sturing leiden, omdat het schadelandschap in Nederland al veel te ver geuniversaliseerd is.
Brugman Schadeherstel blijft gewoon lekker alles repareren en blijft universeel. Wat gaat u doen?